top of page
Project_4.png
03.jpg

© Institut royal du Patrimoine artistique

Project_4.png
Horta3.jpg

© Musée Horta                                                                                                                             © Fondation Jean Delhaye

Project_4.png
ACL80779.jpg

© Institut royal du Patrimoine artistique

Project_4.png
Project_3.png

© Archives d’Architecture Moderne - AAM

Project_4.png
Project_4.png

© Centre de Documentationde l’Administration de l’Aménagement du Territoire et du Logement

Project_4.png
Project_5.png

© Cabinet Ans Persoons

Hôtel Aubecq is de naam van een magistraal herenhuis dat tussen 1900 en 1904 werd gebouwd langs de Louizalaan in Brussel, in opdracht van de Waalse industrieel Octave AUBECQ, directeur van de Émailleries et Tôleries Réunies in Gosselies.
 

Hôtel Aubecq was geen hotel in de huidige betekenis van het woord. Het was een zeer luxueuze privéwoning, een stadsvilla, met een uitgesproken representatief karakter. De woning diende om gasten te ontvangen en de maatschappelijke positie van de familie Aubecq te onderstrepen.
 

De architect, Victor HORTA, ontwierp deze uitzonderlijke woning als een gesamtkunstwerk, waarbij de gevels, de interieurs, het meubilair en zelfs de decoratie werden bedacht in de toen bijzonder vernieuwende art-nouveaustijl.

 

In 1950 werd het pand afgebroken om plaats te maken voor een modern appartementsgebouw van twaalf verdiepingen. Dankzij een actie van Julie HORTA en Jean DELHAYE werd echter een deel van de voorgevel gered. Auguste BUISSERET, minister bevoegd voor Openbare Werken, besliste om de gevel langs de Louizalaan zorgvuldig te laten demonteren en de stenen te bewaren, met als doel de gevel ooit opnieuw op te bouwen.

 

Vele jaren gingen voorbij en de stenen werden verwaarloosd. Ze lagen op een terrein waar ondertussen struiken en bomen opschoten. Pas in 1990 werden de stenen voor het eerst opnieuw in hun oorspronkelijke compositie uitgelegd en werd een eerste, beknopte inventaris opgesteld. Helaas raakten de stenen daarna opnieuw in de vergetelheid.

 

In 2001 werden de stenen, als gevolg van de federalisering van België, eigendom van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. In 2009 werd architect Nicolas CREPLET, gespecialiseerd in de restauratie van monumenten, belast met de eerste grondige studie om de gevel opnieuw samen te stellen.

Dit mondde uit in een tentoonstelling in 2010, waarbij het grote publiek kennis kon maken met deze gevel, die toen al zestig jaar niet meer te bezichtigen was geweest. De tentoonstelling werd een succes en Hôtel Aubecq groeide uit tot een begrip bij architectuurliefhebbers.

Ondanks het enthousiasme werd echter geen definitieve oplossing gevonden en belandden de stenen opnieuw in een opslagplaats.

 

In 2025 liep het huurcontract van deze opslagplaats af en werd opnieuw gezocht naar een duurzame oplossing voor de stenen. In de verdere toekomst zullen ze een prominente plaats krijgen in een nieuw excellentiecentrum voor de bouwsector in Sint-Agatha-Berchem. Dit centrum heeft als doel hooggespecialiseerde vakmensen op te leiden via doorgedreven opleidingen en permanente bijscholing. Het focust op de waarde en het belang van vakmanschap en werkt rond thema's zoals renovatie, restauratie, circulariteit en de vele disciplines die daarmee verbonden zijn. Onder welke vorm de gevel er uiteindelijk te bezichtigen zal zijn, is vandaag nog niet beslist. Wel staat vast dat Hôtel Aubecq een belangrijke pedagogische en educatieve rol zal spelen.

 

Vandaag wordt, dankzij de samenwerking tussen URBAN (eigenaar van de gevel), Constructiv (bouwheer van het opleidingscentrum) en Fast Forward Architects (architect van het opleidingscentrum) de gevel opnieuw, en voor de derde keer, samengesteld in een van de loodsen van dit excellentiecentrum. Deze keer gebeurde dat met de bedoeling te onderzoeken op welke concrete manier de stenen een betekenisvolle rol kunnen spelen, zowel op deze locatie als binnen het gespecialiseerde vakonderwijs.

 

Tijdens deze denkoefening, die twee jaar zal duren, zal deze uitzonderlijke gevel te bezichtigen zijn voor bezoekers. Het publiek zal kunnen ontdekken waarom deze gevel blijft inspireren en nog steeds tot de verbeelding spreekt, zelfs meer dan 75 jaar na de afbraak.

bottom of page